
Begrippenlijst
Ontwikkelingstrauma
Niet één schokkende gebeurtenis, maar wat herhaalde onveiligheid doet met een kind dat nog volop in ontwikkeling is.
Wat is ontwikkelingstrauma?
Ontwikkelingstrauma (Engels: developmental trauma) is trauma dat in de kindertijd ontstaat, meestal langdurig en binnen de relatie met verzorgers, en dat de zich ontwikkelende hechting, emotieregulatie en het zelfbeeld raakt. Het gaat niet om één schokkende gebeurtenis, maar om wat herhaalde onveiligheid doet met een kind dat nog volop in ontwikkeling is.
| Engelse term | developmental trauma, ook Developmental Trauma Disorder (DTD) |
| Categorie | de gevolgen van vroege, herhaalde onveiligheid, die de vecht-of-vluchtreactie langdurig actief houden |
| De kern | trauma tijdens de ontwikkeling, meestal binnen de zorgrelatie |
| Voorgestelde diagnose | Developmental Trauma Disorder (van der Kolk), niet opgenomen in de DSM-5 |
| Dichtstbijzijnde erkende diagnose | complexe PTSS in de ICD-11, zie complex trauma |
| Belangrijk | dit is een begrip, geen zelfdiagnose. De juiste plek is de huisarts of de GGZ |
Hoe ontwikkelingstrauma er in de praktijk uitziet
Een veelvoorkomend beeld: een kind groeit op bij een verzorger die onvoorspelbaar is, soms warm en soms angstaanjagend. Het kind leert om voortdurend op te letten, want de omgeving die veiligheid zou moeten bieden, is zelf de bron van dreiging. Dat opletten gaat niet meer weg als het kind groot is. Als volwassene kan juist nabijheid dezelfde alertheid oproepen: het lichaam reageert op intimiteit alsof er gevaar is, terwijl er niets aan de hand is. Dat is geen onwil en geen aanstellerij, maar een systeem dat vroeg heeft geleerd dat dichtbij komen risico betekent.
Hoe ontwikkelingstrauma doorwerkt
Vroege, aanhoudende dreiging houdt het stresssysteem in de hoogste versnelling. Waar de vecht-of-vluchtreactie bedoeld is als korte noodstand, blijft die bij een kind in chronische onveiligheid veel te lang aanstaan, in een fase waarin de hersenen, de hechting en de emotieregulatie zich nog vormen. Bessel van der Kolk, Julian Ford en Joseph Spinazzola beschrijven ontwikkelingstrauma als het gevolg van herhaald, meestal interpersoonlijk trauma in de kindertijd, met klachten die verder reiken dan die van een gewone posttraumatische stressstoornis. Daniel Cruz en collega’s vatten in Frontiers in Psychiatry samen dat het niet om een losse gebeurtenis gaat, maar om de invloed van chronische, vaak relationele stress op de ontwikkeling zelf. Wat een kind normaal leert, namelijk zichzelf kalmeren en op anderen vertrouwen, komt daardoor moeizamer of anders tot stand.
Ontwikkelingstrauma, PTSS en complexe PTSS
Hier zit veel verwarring, en het is de moeite waard om het uit elkaar te houden. Van der Kolk stelde met collega’s voor om Developmental Trauma Disorder als aparte diagnose voor kinderen op te nemen in de DSM-5. Dat voorstel werd niet overgenomen, waardoor er in de DSM geen diagnose staat die dit beeld volledig dekt. De Wereldgezondheidsorganisatie koos een andere route en nam in 2019 complexe PTSS op in de ICD-11. Andreas Maercker en collega’s beschrijven in The Lancet dat die diagnose bovenop de klachten van PTSS drie extra problemen kent: moeite met het reguleren van emoties, een negatief zelfbeeld met schaamte of schuld, en moeite om relaties en nabijheid vast te houden. Ontwikkelingstrauma verwijst dus naar de vroege oorzaak en de invloed op de ontwikkeling, terwijl complexe PTSS de erkende diagnose is die het volwassen beeld beschrijft. Wat er precies speelt, kan alleen een professional beoordelen.
Wat ik ervan zie
Als psychotherapeut met vijfentwintig jaar ervaring herken ik het patroon dat achter dit begrip zit. Sommige vrouwen die mij schrijven, merken dat aanraking en nabijheid iets in hen wakker maken wat ze niet kunnen plaatsen: een spanning, een neiging om zich terug te trekken, precies op het moment dat het fijn zou moeten zijn. Wat ik daarin kan betekenen is beperkt en het is uitdrukkelijk geen behandeling. Trauma verwerk je niet tijdens een date. Wat ik wel kan, is de tijd nemen, geen tempo opleggen, en niets forceren, en tegelijk eerlijk zeggen dat echte hulp bij een trauma bij een deskundige hoort, niet bij mij.
Wat je kunt doen
- Zie dit als een begrip, niet als een diagnose die je jezelf geeft. Of hier sprake van is, beoordeelt een professional, niet een pagina en niet jijzelf.
- Ga naar je huisarts als vroege onveiligheid nu nog je leven of je relaties raakt. De huisarts kan je verwijzen naar de GGZ of naar traumagerichte hulp.
- Vraag om iemand die met trauma werkt. Voor dit beeld bestaan gerichte behandelvormen; een hulpverlener die daarin geschoold is, is het juiste adres.
- Forceer nabijheid niet. Dat je lichaam bij intimiteit op scherp staat, is geen falen. Rustig opbouwen in een veilige situatie helpt meer dan jezelf dwingen.
Meer lezen over ontwikkelingstrauma
Binnen deze begrippenlijst legt complex trauma de erkende diagnose complexe PTSS uit, en hechtingsstijl hoe vroege ervaringen het patroon van nabijheid en afstand vormen.
Buiten deze site geeft het overzichtsartikel van Cruz en collega’s in Frontiers in Psychiatry een toegankelijk kader, en beschrijft Bessel van der Kolk het onderwerp uitgebreid in zijn boek Traumasporen (The Body Keeps the Score).
Waar dit op deze site past
Ik behandel geen trauma en doe dat ook niet alsof. Wat ik wel doe is een vrouw ontmoeten op háár tempo, zonder druk, en dat kan prettig zijn naast echte hulp, nooit in plaats daarvan. Hoe een afspraak eruitziet als je vooral rust en aandacht zoekt, staat bij intiem samenzijn. Rustig eerst praten kan altijd.
Bronnen
- Complex post-traumatic stress disorder. Andreas Maercker, Marylene Cloitre, Rahel Bachem e.a., The Lancet, 2022. Levert dat de ICD-11 complexe PTSS kent, met bovenop de PTSS-klachten problemen met emotieregulatie, een negatief zelfbeeld met schaamte en schuld, en moeite met relaties en nabijheid.
- Comorbidity of developmental trauma disorder (DTD) and post-traumatic stress disorder. Bessel van der Kolk, Julian D. Ford & Joseph Spinazzola, European Journal of Psychotraumatology, 2019. Levert dat DTD staat voor de gevolgen van herhaald, interpersoonlijk trauma in de kindertijd, met klachten die verder reiken dan die van PTSS.
- Developmental trauma: Conceptual framework, associated risks and comorbidities, and evaluation and treatment. Daniel Cruz, Matthew Lichten, Kevin Berg & Preethi George, Frontiers in Psychiatry, 2022. Levert het kader dat ontwikkelingstrauma gaat over de invloed van chronische, vaak relationele stress in de kindertijd op de ontwikkeling zelf, en dat het voorstel voor DTD niet in de DSM-5 werd opgenomen.
Verwante begrippen
Ontwikkelingstrauma gaat over de vroege oorzaak. De begrippen hieronder gaan over hoe dat doorwerkt.
- Vecht-of-vluchtreactie. De noodstand van het lichaam die bij vroege onveiligheid veel te lang aan blijft staan.
- Complex trauma. De erkende diagnose complexe PTSS, die het volwassen beeld beschrijft.
- Hechtingsstijl. Het patroon van nabijheid en afstand dat mede in de kindertijd wordt gevormd.
- Angstige hechting. Een van de patronen die na vroege onveiligheid kan ontstaan.
- Zelfregulatie. Het vermogen om jezelf te kalmeren, dat door ontwikkelingstrauma juist moeilijker tot stand komt.
Veelgestelde vragen
Vragen over deze term
Wat is ontwikkelingstrauma?
Ontwikkelingstrauma is trauma dat in de kindertijd ontstaat, meestal langdurig en binnen de relatie met verzorgers, en dat de zich ontwikkelende hechting, emotieregulatie en het zelfbeeld raakt. Het gaat niet om één gebeurtenis, maar om wat herhaalde onveiligheid doet met een kind dat nog in ontwikkeling is.
Wat is het verschil met PTSS en complexe PTSS?
Ontwikkelingstrauma verwijst naar de vroege oorzaak: herhaalde onveiligheid in de kindertijd en de invloed daarvan op de ontwikkeling. Complexe PTSS is de erkende diagnose in de ICD-11 die het volwassen beeld beschrijft. Bessel van der Kolk stelde een aparte diagnose voor kinderen voor, Developmental Trauma Disorder, maar die werd niet opgenomen in de DSM-5.
Kun je ontwikkelingstrauma behandelen?
Voor de gevolgen van vroege traumatisering bestaan gerichte, traumagerichte behandelvormen binnen de GGZ. Of dit bij jou speelt en wat past, beoordeelt een professional, niet een website en niet jezelf. De eerste stap is je huisarts, die kan verwijzen naar iemand die met trauma werkt.
Bij wie kun je terecht met vragen over ontwikkelingstrauma?
Voor echte hulp bij trauma zijn je huisarts en de GGZ het juiste adres; de huisarts kan verwijzen naar traumagerichte behandeling. Zelf ben ik Victor, gigolo en psychotherapeut van achtergrond. Ik behandel geen trauma, maar over wat aanraking en nabijheid met je doen denk ik vrijblijvend mee, via het contactformulier of eerst gratis chatten.
Meer weten
Nog vragen over ontwikkelingstrauma?
Ik ben Victor, psychotherapeut van achtergrond. Ik behandel geen trauma, maar over wat nabijheid met je doet denk ik vrijblijvend mee. Voor echte hulp verwijs ik je naar de juiste plek. Stel je vraag gerust, geen verplichting.
